Regio’s
Bourgogne
De streek waar herkomst alles is: twee druiven, ontelbare percelen, en een hiërarchie die tot op de wijngaard gaat.
Bourgogne is voor veel liefhebbers de moeilijkste en de mooiste wijnstreek tegelijk. Bijna alles draait er om twee druiven, maar de streek maakt van die eenvoud een eindeloze puzzel van plekken.
Twee druiven, duizend gezichten
Wit is vrijwel altijd Chardonnay, rood vrijwel altijd Pinot Noir. Het verschil tussen twee wijnen zit dus zelden in de druif en bijna altijd in de plek waar hij groeide. Aligoté speelt een kleine bijrol in het wit.
De hiërarchie van de cru's
Bourgogne kent een strakke ladder van herkomst: van regionaal (Bourgogne) naar dorp (village), dan Premier Cru en bovenaan Grand Cru. Hoe specifieker de afbakening, hoe hoger de wijn in principe staat.
Van Chablis tot de Mâconnais
Van noord naar zuid: Chablis (strak, ongehout wit), de Côte de Nuits (grote rode Pinot Noir), de Côte de Beaune (rijk wit en fijn rood), de Côte Chalonnaise en de Mâconnais (toegankelijker Chardonnay).
Waarom herkomst hier alles is
Bourgogne is de thuishaven van het idee van terroir. De afgebakende percelen, hier climats genoemd, dragen elk hun eigen naam en karakter. Dezelfde druif, een andere helling, een andere wijn.
Belangrijkste druiven
Bijna alles is Chardonnay of Pinot Noir, met Aligoté als kleine speler.
- Chardonnay
- Pinot Noir
- Aligoté
Voor je examen
Onthoud dit van Bourgogne
- Twee druiven.Chardonnay voor wit, Pinot Noir voor rood, dragen bijna alles.
- Cru-hiërarchie.Regionaal, village, Premier Cru, Grand Cru: specifieker is hoger.
- Climats.Afgebakende percelen met een eigen naam; terroir tot op de wijngaard.
- Koel continentaal.Jaarvariatie telt; rijpheid is nooit vanzelfsprekend.